3/11/08

Postbus 51 op zijn Russisch

Kommersant publiceert een informatief artikel over de verschillende methodes, die gebruikt werden om de opkomstpercentages bij de presidentsverkiezingen op te krikken. Het beeld dat ik krijg is een overenthousiaste en onorthodoxe postbus 51 campagne met de zweem van de sociale controle en de feestelijkheid, die tijdens de Sovjetverkiezingen voor een hoge opkomst zorgden. Kommersant onderscheidt drie methodes: bestuurlijke druk, commerciële verleiding en emotionele bezieling.

Bestuurlijke druk


Kommersant schrijft:“Rechtstreekse druk van leidinggevenden op hun ondergeschikten blijft de meest populaire methode om de kiezer te stimuleren.”Lokale communisten in Vladivostok vertelden Kommersant over een document, waarin elke gemeente en kiesdistrict de opdracht kreeg een voorgeschreven opkomstpercentage en percentage stemmen voor Medvedev te halen. Deze targets verschilden overigens per kiesdistrict. In de steden lagen ze lager dan op het platteland.

Uit Volgograd komen gelijksoortige geluiden. “We werden opgetrommeld voor een bijeenkomst waarbij de targets verdeeld werden. We werden verteld dat we in geen geval campagne mochten voeren voor Medvedev, maar verplicht waren de burgers te overtuigen van de noodzaak om te stemmen”, vertelt een medewerker van het regionale bestuur.

Locale communisten uit Nizjnii Novgorod gaven Kommersant een door één van de top managers van de Gorkovskii autofabriek ondertekend document, waarin stond aangegeven wie er in de verschillende afdelingen van de fabriek verantwoordelijk was voor de opkomst onder de fabrieksarbeiders. Het verhaal gaat het dat het aan buitenlandse studenten verboden werd de stad te verlaten en dat zij ingezet werden om middels gemachtigde stembiljetten (otkrepitel’nije oedostoverenija)een stem uit te brengen.
Wederom op basis van informatie van lokale communisten, schrijft Kommersant dat in Tsjoevasjië de rectoren alle studenten zouden hebben opgedragen om op Medvedev te stemmen. In Krasnodar Krai circuleerden er op de universiteiten brochures voor jongeren, die voor het eerst mochten stemmen, met onder andere een stripverhaal, waarin de held Vasja, op 2 maart net 18 geworden, de hele dag wordt achtervolgt door stembiljet Galotsjka, een reiswekker en de rat Larisa tot hij zijn ‘burgerplicht’ vervuld had.

De ondernemersraad in Khabarovsk, geleid door de gouverneur, riep alle leden op om op hun bedrijven uitleg te geven over het belang van de verkiezingen. Een hoge ambtenaar: “In alle arbeidscollectieven moet er een serieus gesprek plaats vinden over de situatie in het land, over de noodzaak van politieke stabiliteit, over de continuïteit van bestuur en over het belang van de deelname van burgers aan de verkiezingen en hun steun aan de huidige leiding van het land.

Kommersant bericht ook over gevallen, waarbij werknemers in de gezondheidszorg en onderwijs verplicht werden gesteld om middels gemachtigde stembiljetten een stem uit te brengen, zodat deze door de leiding verzameld en gecontroleerd kunnen worden. In enkele gevallen werd er met dit doel op zondag zelfs een extra werkdag ingelast. Uit Toela komt het bericht dat een ziekenhuis weigerde om mensen op te nemen zonder gemachtigd stembiljet.

Commerciële verleiding

De associatie van vrouwelijke ondernemers in Basjkirie gaven elke stemmer een coupon waarmee tegen korting producten, voornamelijk witgoed, konden worden gekocht in een reeks winkels. Een gelijke actie liep in Khabarovsk. Daar had het stadsbestuur ook alle werkgevers dringend verzocht de salarissen vooral voor 2 maart uit te betalen. In de Nizjniigorod Oblast kregen stemmende jongeren korting op kaartjes voor clubavonden. In Omsk organiseerden ondernemers een loterij met prijzen zoals een auto en toeristische vakanties. In Jekaterinenburg konden de mensen stemmen in een aantal grote winkelcentra.

Emotionele bezieling

Er werden allerlei publieke feestelijkheden georganiseerd. Enkele regio’s vervroegden de Maslenitsa festiviteiten naar de verkiezingsdag van 2 maart. Zo werden er op initiatief van de lokale partijafdeling van Verenigd Rusland in Magnitogorsk concertpodia georganiseerd, waar de artiesten de inwoners van de stad opriepen om te gaan stemmen. Ook in Novosibirsk werd er een ‘pseudomaslenitsa’ gehouden, schrijft Kommersant. In andere steden werd ‘de eerste dag van de lente’ gevierd. In Voronezj organiseerde de lokale ondernemer Lesnik een groots spektakelstuk, waarin werd verhaald hoe de wijze beer (Medvedev) en zijn hulpje, de boswachter (Lesnik zelf) het Russische bos op orde brengen.

Op scholen in Samara werd er op initiatief van de burgemeester een ‘referendum’ georganiseerd, waarbij leerlingen vragenlijsten invulden over hun voorstellen voor de toekomst van de stad en het land. Op scholen in Penza werden ouders speciale biljettenmeegegeven, die zij met hun stembiljet in de stembussen moesten deponeren. De school met de meeste stemmende ouders kreeg extra financiële middelen uit het gemeentebudget. De burgemeester van Khabarovsk organiseerde een gelijksoortige wedstrijd, waarbij de leerlingen van scholen hun ouders moesten overhalen te gaan stemmen. De eerste prijs was een interactief schoolbord. In Sotsji werd een essaywedstrijd gehouden met het thema ‘mijn gezin kiest de president’.

‘De lente; het ijs smelt, maar het klimaat veranderd niet’

Radzichovskii stelt in zijn column in Rossiiskaja Gazeta de vraag of “het algemene, wat verwarde, maar toenemende gekwetter van de politieke mussen over een komende lente een zichzelf vervullende voorspelling wordt” “Journalisten weten het best van iedereen dat ‘vrijheid beter is dan onvrijheid’ (veel besproken citaat uit rede van Medvedev, JM). … Daarom is de eerste wens van de journalisten het wegnemen van de beperkingen opgelegd aan de serieuze media, met name de grote tv kanalen: de verboden thema’s, woorden, personen etc.”

“Maar wie wil er tegenwoordig behalve de ‘producenten van het woord’ echt ‘het vrije woord’. … De ‘consumenten van het woord’, het volk, de maatschappij in zijn geheel? De toeschouwende massa, zo lijkt het, laat zich helemaal niet horen. En waarom zouden ze? Volgens onderzoeken zijn de mensen niet alleen tevreden met het economische beleid maar ook het peil van de democratie in het land (64%). Wie verstrekt er in die situatie vrijheid en waarom?”

“De president, persoonlijk, vanuit zijn goede wil. Hij kan de vrijheid verstrekken om hem te bekritiseren. En wanneer niet rechtstreeks dan ten minste via ironie en onbevooroordeelde discussie. De ‘populariteit’ van Gorbatsjev en Jeltsin was niet alleen te verklaren vanuit hun werkelijke zonden, maar ook vanuit de wijze waarop de media over hen schreef. ‘Zonder gesprek is er geen probleem’. … Het vrije woord is een bitter medicijn voor de machthebbers. … Het vrije woord is in Rusland de zwarte kat, die voor de machthebbers langs over de weg loopt.”

“Desalniettemin ben ik overtuigd dat er iets moet veranderen. De atmosfeer is ziek. Het begrip van levenskwaliteit beperkt zich niet tot het BNP per hoofd van de bevolking, maar veel meer: het milieu, ons morele niveau. Dit laatste is bij ons echt rot. Alom heerst het vulgaire agressieve materialisme: het gulzig consumisme, het afgunstige hamsteren, het met tromgeroffel opgedrongen patriottisme, de opschepperige leugens, de onverbiddelijke reflexieve scheldkanonnade aan het adres van de ‘onfeilbare’ Verenigde Staten. … Het is mijn voornamste wens dat we afstand nemen van de leugens en nijd. Dit zal de atmosfeer in het land en onze relaties met ander landen alleen maar minder gespannen maken en het zal de stabiliteit niet ondermijnen.”

“Natuurlijk is dit niet eenvoudig. Tranen van ontroering zijn niet voldoende. Poesjkin antwoord op Dostojevskii’s skvernyi anekdot (een smerig verhaal, JM); ‘Ja, wanneer de leidinggevende ontspant, dan ontspant het volk zich nog meer, wat resulteert in meer van hetzelfde. Daarom moet de ‘macht’ sterk zijn. Anders houden we niet stand, dan kan Rusland niet in bedwang worden gehouden. Maar wanneer er wat meer gezond verstand wordt gebruikt en minder bombastische leugens, dan wordt Rusland er niet zwakker op.“

“Wat verwacht ik concreet van de nabije toekomst? Een ontspanning van de retoriek richting het westen. De beëindiging van de tv gevechten met de spoken uit de jaren ’90. Dit kan zonder veranderingen aan het bestaande sociaal-politieke systeem. Dit is een volkomen rationele gang van zaken, die gelegen komt voor zowel de elite als het volk. En het is ‘een lente’ Wanneer iemand het woord vergeten is, kijk dan uit het raam: Het ijs smelt, maar het klimaat verandert niet. En wanneer iemand van iets anders droomt, dan is die hoop ongefundeerd. “

De staat en haar stakeholders

Voortbordurend op de analogie van Kremlin inc. moeten we niet alleen willen weten wat er in de boardroom gebeurd, de strijd tussen de verschillende clans in het Kremlin, maar vooral ook kijken naar de relaties met de verschillende stakeholders. Jeltsin gaf veel vrijheid aan de gouverneurs om hun regio’s als kleine koninkrijkjes te kunnen runnen. Ook betrok hij de oligarchen bij het bestuur en gaf hen grote delen van de industrie in handen. Poetin onderwierp de gouverneurs aan zijn machtsverticaal en distantieerde zich van de oligarchen. Hiervoor gebruikte hij vertrouwelingen met een verleden in de veiligheidsdiensten. De veiligheidsinstituten werden een belangrijke stakeholder onder Poetin. Naarmate de jaren volgden ging dit ook de gelden voor de bureaucratie, die in de afgelopen jaren sterk groeide. De vraag is nu welke stakeholders in Medvedev ’s Rusland een bevoorrechte positie zullen krijgen. Ekspert solliciteert in naam van het bedrijfsleven.

Het artikel begint met de strijd om de macht voorafgaand aan de verkiezingen. “Deze strijd duidt op een belangrijke tendens. Het systeem van informele machtsmechanismes in de Russische politiek heeft die kritische massa bereikt, waarbij het centrum van het besluitvormingsmechanisme zich dreigt te verplaatsen van de gekozen president naar de benoemde hoge bureaucratie. Dit probleem is zeer actueel, omdat de president verandert, maar de bureaucratie blijft.”

“Bureaucraten van het niveau van FSB directeur Patroesjev, het plaatsvervangend hoofd van de Presidentiële Administratie Setsjin en ook minister van financiën Koedrin worden tegenwoordig als onaantastbaar gezien. Het juridische proces voor hun ontslag is eenvoudig. Politiek gezien zou hun ontslag echter revolutionair zijn, omdat het informele machtssysteem juist op deze mensen rust.”

“Onder deze omstandigheden heeft Medvedev twee mogelijkheden om een sterke president te worden. De eerste is zelf een deel van de informele machtsmiddelen in handen te krijgen. Daarvoor zou hij zijn eigen mensen op sleutelposten in de Presidentiële Administratie, de veiligheidstructuren en de regering moeten benoemen. Medvedev heeft echter geen sterk eigen team zoals indertijd de veiligheidsdienst voor Poetin was. De tweede mogelijkheid is de geleidelijke uitbanning uit het systeem van de informele mechanismes middels het vergroten van de werkelijke politieke betekenis van de formele politieke instituten. Er is voldoende reden om aan te nemen dat Medvedev en Poetin geneigd zijn deze tweede weg te kiezen.”

“De zaak Joekos gaf vier jaar terug een radicale omslag aan in het binnenlandse van Rusland. De prioriteit van een aantrekkelijk investeringsklimaat werd ingeruild voor de prioriteit van de staatsveiligheid”, citeert Ekspert politicoloog Makarkin. “Deze verandering betrof niet alleen de retoriek van het Kremlin, maar gaf ook aan dat onder de nieuwe voorwaarden het zakenleven en alle elites behalve de veiligheidsinstituten, niet langer partners waren, maar slechts uitvoerders. De ‘coalitie van Poetin’, die de bureaucratie en het zakenleven tussen 2000 en 2003 verbond, was iets van het verleden. De enigste partner van de hoogste macht werd de bureaucratie, waarin de belangrijkste posten aan mensen uit de veiligheidsinstituten werden gegeven. “

“Met deze ontwikkeling heeft het Kremlin een aantal zaken gedaan weten te krijgen, die voorheen bijna onmogelijk leken. Het bedrijfsleven ging volledig belasting betalen, grote infrastructurele projecten zoals de bouw van de pijpleiding vanuit Oost-Siberie naar de Stille Oceaan werden gestart en industriële sectoren zoals de scheepsbouw en vliegtuigbouw, waarvoor in het private bedrijfsleven geen belangstelling was, werden geconsolideerd.”

“Het ontslag van generaal procureur Oestinov in juni 2006 was het eerste signaal dat de inzet van de veiligheidsinstituten als de ‘partij’, die het binnenlandse beleid bepaalde, het hele politieke systeem instabiel maakt. De ‘siloviki’ bleken te veel macht te krijgen. De daaropvolgende hervormingen van het ‘Openbaar Ministerie’ waren gericht op het opdelen van het instituut in verschillende spelers en het inperken van hun zelfstandige mogelijkheden. (Zie bijvoorbeeld de recente discussie tussen de generaal procureur en de nieuw opgerichte Onderzoekscommissie, JM)”

Terwijl de macht van de veiligheidsinstituten wordt ingeperkt, denkt Ekspert, groeit de invloed van het bedrijfsleven. Een vriendschappelijke houding richting het bedrijfsleven lijkt nu de consensus in het Kremlin. Zo sprak Ivanov op het economisch forum in St. Petersburg in augustus 2007, toen nog presidentskandidaat nummer één, over het belang van democratie en openheid in de ontwikkeling van Rusland en zei Poetin na de parlementsverkiezingen tijdens een ontmoeting met de Unie van Industriëlen en Ondernemers (RSPP) dat het staatskapitalisme niet de weg van Rusland is.

“Wanneer we de overstap willen maken naar een innovatief model voor de ontwikkeling van het land, heeft de overheid welbewuste bondgenoten nodig, geen ondergeschikten maar partners”, citeert Ekspert de politicoloog Makarkin.
“Ik hoop met heel mijn hart dat Medvedev het zakenleven niet alleen een economisch, maar ook een politiek partnerschap aanbiedt, zegt de vicepresident van de RSPP, Igor Joergens. … Het feit dat Poetin met de RSPP van gedachte heeft willen wisselen over de problemen van het staatskapitalisme, geeft een serieuze wijziging weer. De keuze voor het type kapitalisme s een politieke vraag en werd nooit eerder met het bedrijfsleven besproken.”

“De contouren van de nieuwe coalitie doet denken aan de coalitie ten tijde van de eerste termijn van Poetin, waar de grote ondernemers aan deelnamen. Nu lijkt het echter alsof ook het middenbedrijf is uitgenodigd en juist zij een sleutelpositie zullen innemen. Tussen 2000 en 2003 lobbyden de oligarchen in ruil voor loyaliteit om individuele preferenties. Nu zien we een scherpe publieke discussie tussen belangengroepen voor ondernemers en het Ministerie van Financiën over de wijze waarop de belastingverlaging moet worden ingevuld.”

Ekspert benoemt nog twee ontwikkelingen.(1)“Wat je ook over Verenigd Rusland denkt, het is een feit er via deze partij behoorlijk wat voormalige zakenmensen uit het middenbedrijf in de verschillende parlementen zitten. (2) Uit de toespraken van Medvedev lijkt het dat hij wil stoppen met de pogingen om een ‘geleid’ partijsysteem op te bouwen en de teugels weer wat wil laten vieren. Dan kan het federale parlement in de toekomst echt een plaats voor publieke politiek worden.”

Levada onderzoek over Medvevdev

Kommersant bericht over een onderzoek van het Levada Centrum. Daarin werden de respondenten onder andere gevraagd wat zij denken dat de machtsbasis van Medvedev is. Kommersant vergelijkt de resultaten met die van 2000, toen Poetin voor het eerst gekozen werd. 45% van de respondenten noemt ‘de gouverneurs en de bestuurlijke elite’. In 2000 was dit 40%. Nu noemt 38% de veiligheidsstructuren als machtsbasis voor de president. Bij het aantreden van Poetin was dit 45%. 16% van de mensen denkt dat Medvedev kan leunen op de middenklasse. Voor Poetin was dit 10%. Een ander opkomende machtsbasis is de bureaucratie. In 2000 noemde 12% de bureaucratie, nu 26%.

In 2000 was 35% van de Russische bevolking overtuigd dat na Poetin’s verkiezing het land de weg van de democratie zou bewandelen. Bij zijn herverkiezing in 2004 was dit 55%. Analist Goedkov concludeert (geheel tegen het algemene westerse beeld in, JM) dat Poetin werd gezien als democraat, juist omdat hij de machtsverticaal versterkte. Nu associeert 50% van de respondenten Medvevdev met de democratische weg.

Goedkov benadrukt dat de meerderheid van de bevolking de uitspraak van Medvedev ‘vrijheid is beter dan onvrijheid ’niet associeert met de democratie. “De mensen gaan uit van het idee dat democratische landen rijke landen zijn. Wanneer de helft van de respondenten denkt dat Medvedev de democratische weg zal bewandelen dan bedoelen zij dat de president en de aan hem overgedragen machtsverticaal alles zal doen om te zorgen dat de individuele welvaart van de burger tenminste niet afneemt.”

Dimarskii over Medvedev’s uitverkiezing

Dimarskii voor Rossiiskaja Gazeta: “Poetin voelde aan dat het niet de tijd is om van koers te veranderen, maar dat er wel bepaalde correcties aangebracht moeten worden, dat de politieke accenten verplaatst moeten worden van een ‘silovije’ profiel, dat in de afgelopen vier jaar de ideeën en het optreden domineerde, naar een liberaal profiel. Dit is natuurlijk geen extreem liberalisme in de geest van de SPS (Unie van rechtse Krachten), maar wel afdoende gedegen om de ongerustheid van binnen en buiten het land over ‘het terugdraaien van liberale hervormingen’ te ontzenuwen.”

“Poetin is tot deze beslissing gekomen, zo denk ik, niet vanwege kritiek en pressie uit het westen, maar vanwege de bereikte limiet op het rendement van de gestelde doelen en de methodes om die doelen te bereiken. De overheid heeft, zo lijkt het, de angst voor de gekleurde revoluties doorstaan en met alle tot de beschikking staande middelen de risico’s van politieke instabiliteit uitgesloten. Het economische landschap ziet er minder onbewolkt uit. De hedendaagse ‘pastorale’ bestuurswijze is kwetsbaar voor een daling van olieprijzen, onoverkomelijke inflatierisico’s en de gevolgen van negatieve trends in de wereldeconomie.“

“Men moet er trouwens niet op rekenen dat Medvedev drastische stappen zal ondernemen om de koers te veranderen. Er is eerder sprake van een verandering in de stilistiek van de overheid. Des te meer omdat behoedzaamheid karakteristiek is voor de politieke stijl van de nieuwe president. Zijn hervormingen van het ambtelijk bestel en de liberalisatie van de aandelen van Gazprom verliepen zeer nauwgezet , zonder radicalisme en risico’s, maar leiden wel tot werkelijke resultaten. “

Politicologen over nabije toekomst

De crème de la crème van de politicologen kwam samen voor een ronde tafel gesprek met als thema ‘de Russische politiek tussen twee presidenten’. Het is interessant te zien hoe snel sommigen van hen overstappen van hun proclamaties over stabiliteit naar waarschuwingen voor op de loer liggende gevaren of de noodzaak van liberale veranderingen, de kern van de meest recente toespreken van Poetin en Medvedev. Waarschijnlijk schatten ze in dat dit de wind zal zijn, die in de komende jaren zal waaien.

Pavlovskii noemt het belang van een open maar constructief debat over de toekomst van het land: “De sfeer stagneert door een mengsel van onbezorgdheid (vanuit bureaucratie, JM) en vechtlustige polemiek (vanuit radicale oppositie,JM). Een verandering van politieke stijl, van ideologische stijl, lijkt me onvermijdelijk. “
Tretjakov: “Er is geen twijfel dat Medvedev en Poetin persoonlijke vrienden zijn en normaal zullen samenwerken, maar binnen het apparaat van Poetin heeft zich een strijd rondom posities afgespeeld en deze strijd verbreidt zich en jullie willen mij vertellen dat het er vriendschappelijke aan toe zal gaan?”

Glazychev: “De mythe van de machtsverticaal is ongefundeerd. De verticaal functioneert niet in de grote steden, in steden waar veel steuntrekkers wonen. De intensieve inspanningen van Verenigd Rusland (de partij die 80+% van de gouverneurs en burgemeesters levert, JM) hebben in veel gevallen het omgekeerde effect. Alle stemmen, die Zjoeganov heeft gekregen, zijn proteststemmen.”

Dmitrijev: “De proto-middenklasse, en dat is ongeveer 50 tot 60% van de bevolking, is nog geen basis voor stabiliteit. Deze proto-middenklasse lijkt veel op de Duitse variant in de jaren ’30 of de Iranese middenklasse aan de vooravond van de Islamitische revolutie. Het probleem van de sociale mobiliteit, de sociale lift, is nog niet opgelost. Wanneer we de lift niet aan de praat krijgen, dan krijgen we een situatie zoals in de jaren ’70. “

De Russische identiteit en de relatie met Europa in cijfers

Rossiiskaja Gazeta bespreekt een onderzoek van de Russische Academie voor Wetenschappen naar de houding van Russen ten opzichte van de eigen identiteit en andere landen en machtsblokken in de wereld. De resultaten worden vergeleken met onderzoeken uit 1998 en 2004. Eerst kort enkele uitkomsten.

Stabiele periodes worden sterk gewaardeerd. 57% van de respondenten wil het liefst in ‘de stabiliteit van Poetin’ leven. 26% geeft de voorkeur aan de dooi onder Breznjev.
De extreem nationalistische groep, die zich aangesproken voelt door de leuze ‘Rusland voor de (etnische) Russen’, groeit niet en bestaat uit ongeveer 7% tot 10% van de bevolking. Onder Russen jonger dan 25 jaar is dit percentage25% . In de grote steden ligt dit percentage voor dezelfde leeftijdsgroep hoger: 30%. Ook Russen met een goede materiële situatie neigen vaker naar nationalistische denkbeelden (23%).

De groep, die Rusland ziet als een multinationaal (multicultureel) land, waarin de Russen de meerderheid vormen groeit van 20% in 1997 tot 31% in 2000. Dit gaat deels ten koste van de ‘internationalisten’, die vinden dat Rusland het huis is voor vele volken met gelijke rechten. In 1998 bestond deze groep uit 64% van de bevolking. Nu is dat 48%.

Wanneer er interne conflicten uitbreken, wil slechts 20% van de bevolking zijn of haar leven aan het moederland geven. Wanneer het gevaar van buiten komt is 43% daartoe bereid. Deze percentages zijn de laatste jaren afgenomen.

De sympathie voor het westen (in de brede zin) stabiliseert zich. Het omslagpunt van overwegend positieve gevoelens in de jaren negentig was al merkbaar in 2000 toen het westen bij 53% van de bevolking een negatieve associatie opriep en bij 46% een positieve. Nu liggen beide percentages ongeveer gelijk. 35% van de Russen is van mening dat de relatie met het westen de laatste tijd verbeterd is. Slechts 17% heeft een tegenovergestelde mening.

In 1998 zag 4,4% van de bevolking NATO als een bedreiging. Een jaar later was dit 50% en nu is dit 76%. In 1995 had meer dan 77% van de bevolking een goed gevoel bij de Verenigde Staten. In 2000 was dat percentage al gedaald tot 37% en is sindsdien gelijk gebleven. Ontegenzeggelijk heeft het NATO ingrijpen in voormalig Joegoslavië de grootste invloed gehad op deze cijfers. De irritaties van de laatste jaren vallen daarbij in het niets.

Nu het goede nieuws: afzonderlijke Europese landen blijven goed scoren. Zo waardeert 72% van de Russische bevolking de verhoudingen met Duitsland als goed of zeer goed. Positieve gevoelens voor Groot Brittannië is de laatste jaren gezakt van ongeveer 64 tot 60%. Het woord ‘Europa’ roept bij 72% van de respondenten een goed gevoel op. Voor ‘Azië’ is dit 20% en voor ‘Amerika’ 30%. De Europese Unie scoort lager dan ‘Europa’ (59%)

Slechts 11% van de Russen wil lid worden van de EU, 18% wil in een nieuw opgerichte Sovjet-Unie wonen. 40% van de jongeren wil het eigen land niet voor lang verlaten. Ongeveer 33% zou wel tijdelijk in een Europese hoofdstad willen studeren of werken.
Een deel van de onderzoeksvragen werd beantwoord middels een elfpuntige schaal waarbij rechts het oosten en links het westen vertegenwoordigd. Het is opvallend dat zowel qua economie als het nationale karakter de meerderheid van de Russen zichzelf steeds meer westers begint te vinden.

West-Europa is voor de Rus vooral: welvaart, beschaving, mensenrechten, democratie en discipline. Rusland is voor de Rus vooral: patriottisme, spirituele waarden, crisis, cultuur en wederzijdse hulp.

Interview

De cijfers worden vergezeld van een interview met Mikhail Gorsjkov, de directeur van het sociologie instituut van de Russische Academie van wetenschappen: “ Terwijl in het begin van de jaren ’90 de Russen gefascineerd waren door het perspectief om opgenomen te worden in het collectief van geciviliseerde landen, formeert er zich nu een neoconservatieve stroming. In het massabewustzijn groeit geleidelijk de overtuiging dat de westerse weg voor Rusland niet zo goed is en dat de eigen cultuurhistorische eigenheid bewaard en ontwikkeld moet worden.“

“Russen erkennen de waarde van de democratie, maar zien het niet als een eerste levensbehoefte. … Voor de Russische burgers is niet zozeer de politieke, maar de sociaaleconomische component van democratie van belang (Wanneer de president zorgt dat steeds meer groepen in de samenleving in de welvaart kunnen delen, dan is hij volgens deze definitie een democraat, JM) Vrijheid betekent voor de meerderheid van de Russen niet zozeer politieke rechten als wel de vrijheidswens om eigen heer en meester te zijn.”

“We moeten deze nuances niet overdrijven. Wanneer Russen over democratie praten dan noemen ze als eerste: gelijkheid voor de wet voor alle burgers, onafhankelijk rechtspraak, politiek pluralisme, vrije verkiezingen . Slechts 27% is tevreden over de wijze waarop de democratie in hun land werkt. 72% is ontevreden.” (Het is interessant dit cijfer te vergelijken met de in een bovengaand bericht door Radzichovskii genoemde 64% van de bevolking, die tevreden is over het peil van de democratie. Ik neig te denken dat men wel tevreden is over de kwantiteit van de democratie(het peil), maar niet de kwaliteit (de wijze waarop). Daarvoor zou ik nog wel eens de precieze vraagstellingen moeten vergelijken. JM)

“De sociale structuur van de samenleving gaat steeds meer lijken op het model dat karakteristiek is voor zich stabiel ontwikkelende landen. De meerderheid van de bevolking voelt zich middenklasse en de groep van sociale outsiders is een relatieve minderheid. Psychologisch is het voor de Russen nu veel belangrijker te bevatten dat het land eindelijk uit de crisis geraakt, dan een democratie te verwerven.”
“De afgelopen vijftien jaar is er veel veranderd. Rusland en zijn inwoners zijn veranderd. De gangbare opinie dat ‘de kloof van waarden’ tussen Rusland en Europa groeit, wordt door onze resultaten niet bevestigd.”

“Ons nationaal bewustzijn is zeer tegenstrijdig. We zijn behoorlijk voorzichtig ingesteld jegens verschillende structuren van de hedendaagse globale wereld zoals NATO, IMF en WTO en we willen helemaal niet toetreden tot de Europese Unie. Russen zijn op dit moment eerder gematigde isolationisten dan voorstanders van integratie in een structuur. En al onze resultaten wijzen eigenlijk niet op een drang, maar meer een geneigdheid naar toenadering met Europa. Dit proces wekt geen wrevel op in de samenleving en veroorzaakt geen onnodige psychologische spanningen. We hoeven om Europa te begrijpen en te aanvaarden niet langer over ons zelf heen te stappen. Uiteindelijk zal de Europese weg zonder interne tegenstand door bijna alle groepen in de samenleving worden geaccepteerd. Vooral, wanneer deze weg niet uitloopt op voor de Russen overduidelijke en pijnlijke teleurstellingen. Maar dat hangt net zoveel van Rusland af, als onze partners in de internationale arena.

Karaganov over de relatie met Europa

Karaganov is decaan van de faculteit voor wereldeconomie en wereldpolitiek aan de Hoge School voor Economie in Moskou: “Ik denk niet dat we een snelle verzachting van de lijn van Moskou kunnen verwachten. Het oude westen heeft zich nog niet kunnen verzoenen met het syndroom van haar eigen zwakte en de onaangename verrassing van de nieuwe zelfverzekerdheid van Rusland. De EU heeft geen Ruslandbeleid, maar er bestaat het verlangen om middels de casus Rusland aan te tonen dat het gemeenschappelijke buitenland- en defensiebeleid, dat er niet is, toch bestaat. In deze situatie, ben ik bang, zullen om het even welke concessies vanuit Moskou zonder meer verzwolgen worden.” (zonder dank of tegenprestatie, JM)

“Dit betekent niet dat de Europese richting geen perspectief heeft. Wanneer dat immers zo zou zijn, dan wordt Rusland bedreigd door een langdurige halfisolatie van een belangrijke bron van beschaving, die Europa toch is. Daarom is een radicale activering van initiatieven in de Europese richting onontbeerlijk. Over enkele jaren zal dit zeer waarschijnlijk zijn vruchten afwerpen. We moeten hopen dat Brussel het syndroom van zwakte overwint en realistischer wordt door afstand te nemen van de illusie dat Europa een gezamenlijk beleid kan voeren en begrijpt dat het zonder strategisch verbond met Rusland gedoemd is tot een tweederangs rol op het geopolitieke en economische wereldtoneel, gedomineerd het snel ontwikkelende Azië.”

“Het is zeer aannemelijk dat de nieuwe president (Medvedev, JM), vooral wanneer hij, wat ook zeer aannemelijk is, niet meteen het Russische buitenlandse beleid zal verzachten, zijn sterkte zal testen en een beetje zal provoceren. Hij moet zich goed voorbereiden om niet zijn zwaktes te tonen en ook niet uit zijn slof te schieten met stevig verzet en retoriek. Vooral ook omdat het merendeel van de voormalige en huidige bestuurlijke elite beide uitersten van hem verwacht. Ondanks de laatste successen zijn zij hun minderwaardigheidscomplex nog niet te boven gekomen. Ja, en dan zijn er ook altijd nog die personen, die hun incompetenties en gecorrumpeerdheid willen verdoezelen met intriges.”(de schuld willen geven aan het buitenland, JM)

“Het belangrijkste wat we moeten verlangen van het buitenlandsbeleid van de nieuwe president is constructieve initiatieven. Tot nu toe hebben we met succes die regels van het spel veranderd, die ons niet bevielen, hebben we onze invloed en prestige vergroot, maar hebben we nog geen alternatieven aangedragen. En deze zijn nodig in onze relatie met Europa en de VS. Anders kan de voor een groot deel door ons begonnen ‘constructieve temperatuurdaling’ degraderen tot een systematische confrontatie in een voor alle partijen noodlottige winter.”

“Daarnaast kan een nieuwe president, die leiding geeft aan een kwalitatief ander land, sterker en zelfverzekerder, het zichzelf waarschijnlijk veroorloven om zonder meer beleefd te spreken met de rest van de wereld, terwijl hij zijn nog niet altijd gerechtvaardigde arrogantie verbergt.”

“En als laatste. De wereld begint merkbaar te ‘ruiken’ naar een nieuwe grote oorlog of een reeks verwoestende conflicten. De hoofdtaak van de nieuwe leider van één van de meest invloedrijke landen van de wereld is het voorkomen dat de wereld afglijdt naar een dergelijke scenario en als minimum te voorkomen dat Rusland in een van die conflicten betrokken wordt.”

Divers

In kader van de internationale vrouwendag publiceert Kommersant een zeer uitgebreid en informatief artikel over de bloemenimport uit uiteraard Nederland en de langzaam opkomende eigen bloemenindustrie. PWC berekent dat het aantal vrouwen in leidinggevende functies flink stijgt.

Een minder fleurige ‘feestdag’ is de sterfdag van Stalin, nu 50 jaar geleden. Rossiiskaja Gazeta wijdt twee artikelen aan de dictator.

Wellicht zijn we een beetje Kasparov moe, of wat gedesillusioneerd in de ‘oppositie’. Feit wil dat Maksim Reznik van de Peterburgse Jablokoafdeling twee maanden voorarrest heeft gekregen wegens ‘het slaan van een politieagent’. De eis is vijf jaar. In tegenstelling tot Kasparov heeft Reznik zich jaren lang ingezet voor de lokale politiek. Waar is onze media nu?

Hetzelfde vraag ik me af over de op dit moment mislukkende gekleurde revolutie in Armenië. Er zijn 8 doden en meer dan 120 gewonden te betreuren.

De spanningen tussen Georgië en Rusland lopen weer op. De inzet is de deelrepublieken Abchazië en Zuid-Ossetië, die sinds de onafhankelijksverklaring van Kosovo nieuwe hoop hebben gekregen. Het parlement van Abchazië heeft zich inmiddels tot de VN en Rusland gewend met het verzoek om hun onafhankelijkheid te erkennen. Georgië maakt zich zorgen en wil de overlegstructuur rondom de (Russische) vredesmissie aanpassen, zodat ook de EU en de OVSE aan de besprekingen kunnen deelnemen. Rusland vindt het wel goed zo. De Russen op hun beurt jagen de Georgiërs op de kast door economisch verkeer met de deelrepublieken officieel toe te staan. Dit wordt al wel een halve erkenning van onafhankelijkheid genoemd. Voor de Russen is vooral Abchazië erg belangrijk in de ontwikkeling van het gebied rondom Sotsji. Volgende week vast meer.